maandag 10 februari 2020

Liefde en vergevingsgezindheid

Het is de Christelijke liefde die geneest. Mrs. Eddy schrijft over het genezende werking van de Christian Scientist in Wetenschap en Gezondheid: “Als de Christelijke Wetenschapper genoeg Christelijke liefde heeft om zijn eigen vergiffenis te verwerven en eenzelfde woord van goedkeuring te verdienen als Jezus aan Maria Magdalena gaf, dan is hij Christen genoeg om wetenschappelijk te werken en zijn patiënten met mededogen te behandelen; het resultaat zal dan aan de geestelijke bedoeling beantwoorden.” Indien de ‘patiënt’ die wij behandelen ons eigen ik is dat we veroordelen, dan moeten we meer Christelijkheid in praktijk brengen naar het voorbeeld van Jezus. We moeten de geestelijke idee van het zoonschap van God, dat is de Christus, met welnemen in ons leven aanvaarden. Wij kunnen vertrouwen op de liefde en vergevingsgezindheid van God en zeker zijn van Zijn goedkeuring. Wij kunnen ons verheugen over het feit dat de Vader onze ware individualiteit steunt. In het stille luisteren van ons gebed worden wij Zijn welbehagen gewaar met de werkelijkheid dat wij Zijn geliefde kinderen zijn. Onze gelijkheid komt steeds meer aan het licht in onze gedachten en daden. De wens naar een zondeloos leven vindt er steun, evenals het verlangen meer standvastige liefde en genegenheid tot uitdrukking te brengen waarin God centraal staat. Er zal dan minder aanleiding zijn tot zelfveroordeling

vrijdag 7 februari 2020

Ernstig gebed

God staat nooit toe dat er iets kwaads gebeurt om dat later weer recht te breien. Door gebed begrijpen wij meer van God en van onszelf. Het helpt ons vertrouwd te raken met wat God weet, dat in werkelijkheid alles wat Hij maakt veilig is en niet aangetast kan worden. God heeft nooit een andere macht geschapen die altijd bezig is Hem en en al het goede te bevechten. In Jeremia wordt het aldus uitgedrukt: “Ik weet de gedachten, die Ik over u denk, spreekt de Heere, gedachten des vredes, en niet des kwaads, dat Ik u geef het einde en de verwachting.” Wij kunnen als resultaat verwachten dat Gods goedheid zegeviert over iedere suggestie van het kwaad. Niet omdat wij God hebben beïnvloed Zijn gedachten te veranderen, of omdat God eindelijk besloten heeft ons te helpen, maar omdat alle onwetendheid en dwaling waaruit het kwaad is samengesteld, eenvoudigweg verdwijnen door ons ernstig gebed om te begrijpen wat God werkelijk is wat hij voor ons doet. Ernstig gebed en niet keihard bidden brengt ons nader tot God en tot Zijn bewustzijn van ons en heel Zijn geestelijke schepping. Omdat God, het goddelijk Gemoed, ons geschapen heeft, bezitten wij het vermogen om Hem te begrijpen. Dus niet onze hersenen, maar de goddelijke intelligentie zelf maakt dat wij Hem en ons ware zelf kennen, omdat wij naar het beeld en de gelijkenis van het goddelijk Gemoed - die ware intelligentie is - geschapen zijn.