dinsdag 14 april 2015

Bron van goedheid

Jezus, de beste mens, die ooit op aarde geleefd heeft, zei ootmoedig: "Wat noemt gij mij goed? Niemand is goed dan één, namelijk God." De Meester erkende dus God als de enige bron van zijn vermogen om goed te zijn en het goede te doen - hoeveel te meer moesten dan nederige volgelingen bereid zijn dit te doen!
Het goede, dat Christian Scientisten denken, zeggen of doen, komt niet uit henzelf voort, is niet hun bijzondere eigendom. Integendeel, het vindt zijn oorsprong in God, het oneindig goede, en omdat dit zo is, is het in wezen universeel en behoort hen allen toe. Omdat goedheid dus geen persoonlijk bezit is, kan niet één persoon er uitsluitend beslag op leggen en evenmin is het - in absolute zin gesproken voor de ene mens mogelijk die goddelijke eigenschap meer tot uitdrukking te brengen, dan voor de andere. Allen hebben, in waarheid, dezelfde oneindige bron van goedheid; daarom is het in geen enkel opzicht te verontschuldigen, dat iemand trots zou zijn, omdat hij uitdrukking geeft aan goedheid.
Mrs. Eddy besefte ongetwijfeld, dat hoogmoed een belemmering zou zijn voor Christian Scientisten in hun strijd tegen zonde en ziekte en daarom schrijft zij in Wetenschap en Gezondheid (blz. 451): "Christian Scientisten moeten voortdurend onder de drang van het apostolisch gebod leven om uit de stoffelijke wereld uit te gaan en zich daarvan af te scheiden. Zij moeten zich onthouden van agressie, onderdrukking en machtshoogmoed."
Trots is een vorm van zelfzucht, die er toe leidt onszelf de wijsheid en, intelligentie en bekwaamheid aan te matigen, die alleen aan God toebehoren en Hem ook alleen moeten worden toegeschreven.

Geen opmerkingen: