donderdag 20 juni 2013

Erkenning

Jezus vroeg zijn leerlingen eens hoe anderen over hem dachten. “Wie”, zo vroeg hij, “zeggen de mensen dat ik, de Zoon des mensen, ben?” (Mat.6:13) Hij wilde weten aan wie men de macht die hij demonstreerde toeschreef. De antwoorden toonden aan dat sommigen dachten, dat hij een geest was, of zelfs de reïncarnatie van een vroegere profeet. Dat zou zijn helende macht hebben teruggebracht tot iets bovennatuurlijks dat werkzaam was in het menselijk of sterfelijk gemoed. Simon Petrus gaf een antwoord waarin duidelijk de erkenning van de goddelijke idee doorklonk. Hij zei: “Gij zijt de Christus, de Zoon des levenden Gods.“ Deze erkenning van de Christus als de ware idee dat de mens de zoon van God is, openbaart de werkelijkheid van de geestelijke volmaaktheid. Het heft het geestelijk genezen op boven het niveau van het menselijk gemoed, boven intellectuele pogingen. In haar geschriften stelt Mrs. Eddy onomwonden de volgende vraag: “Wat is het voornaamste verschil met mijn metafysisch systeem?” Haar antwoord luidt: “Dit, dat door de onwerkelijkheid te weten van ziekte, zonde en dood, u de alheid van God demonstreert.” (Unity of Good, blz. 9) Dit is de Christus, die in het menselijk bewustzijn verschijnt. Het is de werking van de geestelijke genezing, die de alheid van God openbaart en de onwerkelijkheid van wat aan Hem ongelijk is. Christus is de macht die het menselijk bewustzijn wakker roept voor de geestelijke volmaaktheid. We worden erdoor opgeheven boven zonde en ziekte. Niet de werking van het menselijk gemoed, maar van het goddelijk Gemoed, of God, is daarvan oorzaak.

Geen opmerkingen: