maandag 18 maart 2013

Vraagstuk

Wanneer iemand, die wiskunde studeert en aan het einde van de dag klaar is, zal niet verwachten, dat hem nooit meer gevraagd zal worden een vraagstuk uit te werken. Integendeel, hij weet, dat zolang hij wiskunde studeert, hij elke dag een nieuw stel opgaven zal hebben. Hij is echter overtuigd dat hem nooit gevraagd zal worden, een vraagstuk uit te werken, waar hij niet op voorbereid is; want hoewel de opgaven het doel hebben, de kennis van de leerling over dit onderdeel te vergroten, houden ze toch gelijke tred met het onderwijs, dat hij heeft ontvangen. Verder is hij zeker, dat het mogelijk is, elk vraagstuk op te lossen, omdat de antwoorden op de vraagstukken reeds in het boek behandeld zijn. Zo moet ook een Christian Scientist niet verwachten, dat, omdat hij de Wetenschap van het zijn bestudeert, hij ontheven zal worden van de noodzakelijkheid, om de menselijke problemen die hij op zijn pad zal vinden, op te lossen. Ook moet hij niet hopen, dat hij al zijn moeilijkheden zal oplossen en dan op zijn lauweren kan rusten. Ook hoeft hij niet bang te zijn, dat hij nu tegenover een onoplosbaar probleem staat of er in de toekomst misschien een zal tegenkomen. Hij moet juist de gelegenheid aangrijpen om te bewijzen, wat hij in de Wetenschap geleerd heeft, door elke nieuwe toets van zijn meesterschap over de regels van de Wetenschap onder ogen te zien en te overwinnen.

Geen opmerkingen: