maandag 11 februari 2013

Basis

Toen aan Christus Jezus werd gevraagd wat het grote gebod was in de wet antwoordde hij: “Het eerste van al de geboden is: Hoor, Israël! de Heere, onze God, is een enig Heere. En gij zult de Heere, uw God, liefhebben uit geheel uw hart, en uit geheel uw ziel, en uit geheel uw verstand, en uit geheel uw kracht. Dit is het eerste gebod. En het tweede aan dit gelijk, is dit: Gij zult uw naaste liefhebben als uzelf. Er is geen ander gebod groter dan deze” (Mark 12:29). “De Heere onze God is een enig Heere.” “Ik ben Alles.” De alheid en éénheid van God is de basis van wet en orde. Het is de basis van vrede en veiligheid. Deze ‘Ene’ deelt zichzelf niet in stukjes, werkt niet tegen, begrijpt zichzelf niet verkeerd, kwetst zichzelf niet en vernietigt zichzelf evenmin. Deze ‘Ene’ is oneindig, ondeelbaar, alles-omvattend en - misschien nog wel het allerbelangrijkste - volkomen goed. Wij leven het Eerste Gebod na en wij doen een beroep op Gods immer tegenwoordige wet, als wij slechts één macht erkennen, één Zijn, één Gemoed - dat zichzelf tot uitdrukking brengt als Alles. Onze naaste liefhebben als onszelf betekent dat wij niets voor onze naaste als werkelijk beschouwen dat niet gelijk is aan de aard van God, alles wat wij niet als waar voor onszelf willen beschouwen. Dit vereist een zeer bewuste beslissing. Er is oefening voor nodig. Maar het is beslist de moeite waard.

Geen opmerkingen: