woensdag 24 augustus 2011

Levenskracht

Omdat Gemoed God is, het door zichzelf bestaand en zichzelf in stand houdend oneindige bewustzijn, verliezen zijn frisheid en spontaneïteit, zijn vermogens en eigenschappen nimmer hun levenskracht. Wanneer de mens demonstreert, dat hij de weerspiegeling van de onvergankelijk goedheid van Liefde is, wordt hij zichzelf tot wet en dient hij Gods plan voor onsterfelijkheid. De taak van de mens bestaat in feite uit het ontvouwen van de oneindigheid van het goede, dat het wezen van Liefde is. 
Het bewustzijn dat geen Liefde tot uiting brengt moet volkomen worden opgegeven, de menselijke wil moet tot zwijgen worden gebracht. Wie is bereid zijn sterfelijke overtuigingen op te geven en zijn kracht te vernieuwen met geestelijke liefde, tederheid, zachtheid, ootmoed en een goed humeur? Wie is bereid vrees voor de dood geheel op te geven en te bewijzen, dat zijn leven en intelligentie veeleer uit het goddelijk Gemoed voortkomen dan uit de hersenen en de lichamelijke bouw? Iemand die aan deze eisen voldoet kan weigeren het zich opdringend beeld van de algemeen heersende mening te volgen, die alle stervelingen aan verval zou willen overgeven.
Vanuit de rijkdom van haar eigen grote demonstratie, die aantoonde dat Waarheid tot in eeuwigheid de inspiratie hernieuwt, zegt Mrs. Eddy in Miscellaneous Writings, blz. 291: “De dauw des hemels zal zachtkens vallen in het hart en het leven van allen die waardig zijn bevonden voor de gerechtigheid te lijden - en die de waarheid hebben onderwezen, die het mensdom kracht geeft, verjongt en wijding schenkt.”

Geen opmerkingen: