dinsdag 11 januari 2011

Ideeën

Wat stervelingen beperkt en onvolkomen toeschijnt is geheel en al gevolg van een gebrekkige kennis betreffende de natuur en de aard van de mens, betreffende datgene, wat hem, als de zoon van God, toebehoort.
Is er schijnbaar gebrek aan middelen? Laten we dit eens aan een wetenschappelijk onderzoek onderwerpen om er achter te komen, waarin de werkelijke behoefte bestaat. Kunnen wij ons voorstellen, dat de oneindige Vader-Moeder God, die Zijn goddelijke overvloed over de mens heeft uitgestort, iets verzuimd zou hebben, of de bron van Zijn mildheid zou hebben laten opdrogen? Zou een dergelijke Vader oneindig goed zijn? Neen. Waar ligt de moeilijkheid dan? Zeer zeker hierin: gebrek vloeit altijd en zonder uitzondering voort uit een tekort schieten in het begrijpen van Gods natuur en tegenwoordigheid en van Zijn verhouding tot Zijn kinderen. Er is dus behoefte aan een geestelijker begrip, aan een ruimere opvatting van het ware wezen van de mens als de zoon van God.
Mrs. Eddy zet dit op blz. 307 van haar Miscellaneous Writings in de volgende woorden bijzonder helder uiteen: “God geeft u Zijn geestelijke ideeën en op haar beurt voorzien deze in uw dagelijkse noden.” En zij laat er de liefdevolle vermaning en verzekering op volgen: “Vraag nooit iets voor morgen: het is genoeg dat de goddelijke Liefde een altijd aanwezige hulp is, en als gij, zonder ooit te twijfelen, wacht, zult gij ieder ogenblik al uw noden vervuld zien.”
Wat een een aanmoediging ligt er in die woorden! En zij komen van iemand die herhaaldelijk hun waarheid heeft bewezen, als zij scheen te kampen met groot tekort. Ook Christus Jezus zei in duidelijke bewoordingen hetzefde: “En al wat gij zult begeren in gebed, gelovende, zult gij ontvangen.”
Nu is er niets anders meer te doen dan deze ten uitvoer te brengen, dit is de enige behoefte die over blijft. Dit wil zeggen dat we ons werk goed moeten doen; en dit werk bestaat in bidden op de juiste wijze, niet in een smeekbede tot God ons iets te geven dat Hij ons onthoudt, maar in een beroep, op wetenschappelijke grond, op wat ons reeds toebehoort, nl. een onbeperkte overvloed van het goede, van het goede dat in elke nood voorziet.

Geen opmerkingen: