donderdag 25 maart 2010

Waar

De mensen hebben veel nagedacht over de vraag wat de mens is; wij moeten allen veelvuldig nadenken over de vraag waar de mens is. Feitelijk wordt de vraag waar de mens is, beantwoord door wat de mens is.
Als God de enige tegenwoordigheid is, is er dan enige plaats voor de mens buiten de alomtegenwoordigheid van Gemoed? Kan de mens buiten de tegenwoordigheid zijn? En toch denken en handelen stervelingen gewoonlijk alsof dat wèl zou kunnen, omdat zij geloven, dat er nog een tegenwoordigheid is, nog een schepper, schepping, mens en substantie behalve de enige levende, alomtegenwoordige God en Zijn uitdrukking.
Christus Jezus heeft ons duidelijk gemaakt, dat 's mens één-zijn met God niet heden een theorie is, die later een aangenaam feit zal worden. Het is een feit dat thans kan worden begrepen en gedemonstreerd. Ongeacht wat stervelingen dachten, zeiden of deden, bewees hij, door standvastig het goede dat God is, lief te hebben en na te leven - het goede, dat naar hij wist, 's mensen enige substantie is - dat de mens in God is. Hij en wij wonen in de eeuwigheid van Gods alomvattendheid, in het heilige gezin van Gods ideeën.

Geen opmerkingen: