zaterdag 20 maart 2010

Alheid van Liefde

In Jezus' begrip van Liefde was geen plaats voor het kwaad.
Om God als Liefde te aanbidden en Liefde's alheid te bewijzen, moeten wij voortdurend liefhebben. Wij moeten niet alleen van onze vrienden weten, dat zij in werkelijkheid Gods volmaakte kinderen zijn, maar ook van onze zogenaamde vijanden. Wij moeten zonder aanziens des persoons iedereen beschermen tegen de bewering van de valse aanklager - het geloof, dat de mens een zondig sterveling is. De Meester heeft ons geleerd, dat wij niet slechts zevenmaal, maar zeventig maal zevenmaal moeten vergeven, trouw moeten blijven aan 's mensen volmaaktheid in de Wetenschap, volkomen, onveranderlijk, altijd. En Mrs. Eddy zegt in Miscellaneous Writings (blz. 11): "Wij moeten onze vijanden liefhebben in al de uitingen, waarin en waardoor wij onze vrienden liefhebben; wij moeten zelfs trachten hun fouten niet aan het licht te brengen, maar hun steeds goed te doen wanneer de gelegenheid daartoe zich voordoet."
Dit is de toets van ons begrip van de alheid van Liefde - dat wij niet alleen vrienden beschermen tegen het geweld van het kwaad, dat zich van hen meester zou willen maken, maar ook schijnbare vijanden. Nooit de last van de zonde van anderen verzwaren door onnodig hun fouten op te sommen en zodoende gebruik te maken van de steun van vele verkeerde meningen, maar in ons eigen hart die steun teniet te doen, betekent, dat wij gehoorzaam zijn aan de wet van Liefde, die wij gehoorzaam zijn aan de wet van Liefde, die erkenning van de alheid van Liefde eist en het bewijs van de onwerkelijkheid van het kwaad.

Geen opmerkingen: