woensdag 17 februari 2010

Nooit in conflict

In onze ware aard zijn we allen individuele goddelijke ideeën, die voor altijd in de onbeperkte veiligheid van het goddelijk Gemoed omsloten worden. Niet één van ons kan zichzelf ooit losmaken van God, het Gemoed of gescheiden van Zijn zorg, net zo min als de zon gescheiden kan worden van de straal die de hoedanigheden van de zon tot uitdrukking brengt.
Niet één van ons kan los van God, Gemoed, bestaan. De Psalmdichter begreep dit toen hij vroeg: "Waar zou ik henengaan, voor uw Geest? en waar zou ik henenvlieden voor uw aangezicht?" (Psalm 139). Mensen, beschouwd als goddelijke ideeën, zijn nooit gescheiden van de oneindigheid van het goede in het goddelijk Gemoed; en onder bestuur van het goddelijk Gemoed zijn ze nooit in conflict met elkaar.
Het was het goddelijk Gemoed dat in Christus Jezus was. Vanuit zijn verheven standpunt van geestelijke overtuiging dat hij één met de Vader, met God, het goddelijk Gemoed was, deelde Jezus aan anderen de waarheid over henzelf mede. Hij erkende zijn verwantschap tot het goddelijk Gemoed, de bron van alle waarheid. Nederig en natuurlijk omschreef hij zichzelf als "een mens die u de waarheid gesproken heb" (Joh. 8:40). Deze waarheid heeft, als hij in ons denken aanvaard wordt, alle macht van het goddelijk Gemoed achter zich. De mens gaat er anders door denken en daardoor komt er een verandering ten goede in zijn leven.

Geen opmerkingen: