woensdag 20 januari 2010

Uitgangspunten

Jezus was zeer consequent in wat hij leerde.
Veel van zijn leer was gebaseerd op twee logische uitgangspunten. Het eerste is dat ieder gevolg een oorzaak moet hebben en het tweede uitgangspunt is dat iedere soort zijn gelijke voortbrengt. Met betrekking tot het eerste uitgangspunt is de gevolgtrekking gerechtvaardigd dat er een eerste of oorspronkelijke oorzaak voor alle bestaan moet zijn. Jezus leerde ons dat deze oorzaak Geest is, de schepper die we God noemen, en dat God, Geest de enige oorzaak en schepper is.
In het evangelie van Johannes lezen wij: "Alle dingen zijn door Hetzelve gemaakt, en zonder Hetzelve is geen ding gemaakt, dat gemaakt is." (Joh. 1:3) Dat is een directe verklaring dat niets bestaat of werkelijkheid heeft behalve God en Zijn schepping. Alle zijn bestaat uit goddelijke oorzaak en gevolg.
Het tweede uitgangspunt is dat soort zijn gelijke voortbrengt. Jezus verklaarde dat de mensen vijgen leest van de vijgenboom, niet van de doornen en dat men druiven niet van de braamstruik snijdt maar van de wijnstok.
Het is een onomstotelijke waarheid dat een oorzaak een gevolg heeft. Daar soort soort voortbrengt, moet een volmaakte oorzaak een volmaakt gevolg hebben. Als de oorzaak goed is, is het gevolg goed. Als de oorzaak enige oorzaak is, kan er geen gevolg zijn uit een andere oorzaak.
De Wetenschap van het Christelijk genezen houdt de erkenning in dat God de volmaakte oorzaak en de mens Zijn volmaakte gevolg is. Jezus zei: Weest gij dan volmaakt, gelijk uw Vader, Die in de hemelen is, volmaakt is." Matt. 5:48.

Geen opmerkingen: