vrijdag 10 juli 2009

Naäman

In de Bijbel lezen we over een Syrische officier die melaats was, slachtoffer van de meest gevreesde ziekte in die tijd. (2Kon. 5:1-14) Naäman was een belangrijk man, niet alleen in de ogen van zijn gelijken en van de koning, maar ook naar zijn eigen oordeel. Als militair leider was hij aan orde gewend. Hij gaf orders en verlangde orde. Zijn opvattingen over orde sloten echter menselijke wil en persoonlijke macht in. Toen zijn vrouw van hun dienstmeisje hoorde dat er in Samaria een profeet was die hem kon genezen, ging hij niet rechtstreeks naar die profeet. In plaats daarvan ging hij naar zijn koning, die vervolgens een brief schreef aan de koning van Israël. Bij die brief sloot hij een aanzienlijk bedrag aan geld in, om er zeker van te zijn dat aan zijn verzoek zou worden voldaan. Wat een teleurstelling stond Naäman te wachten! De koning van Israël vreesde dat het een poging was om een oorlog uit te lokken. Maar Elisa, de profeet, die van het probleem hoorde, vroeg Naäman naar hem toe te komen. Zo kwam Naäman in pracht en praal met zijn paarden en wagen bij Elisa aan in de verwachting iets spectaculairs mee te maken in overeenstemming met zijn rang, als de profeet hem ging genezen. Hij werd woedend toen Elisa hem liet zeggen dat hij zich zeven maal in het modderige water van de Jordaan moest gaan wassen. Het kostte wat moeite, maar Naäman moest bevrijd worden van grote hoogmoed en eigenwil. Hij moest zijn tegenzin vervangen door gehoorzaamheid aan de goddelijke orde. Zijn vertrouwen in de ene God werd nederig en volledig, soortgelijk aan dat van het dienstmeisje dat hem had aangeraden naar de profeet te gaan. Toen werd Naäman genezen.
Ofschoon dit eeuwen geleden gebeurde, is de moraal van het verhaal nog steeds van toepassing. We kunnen leren van de ervaring van Naäman.

Geen opmerkingen: